Spreekwoorden.nl

Gezocht op wacht

Dit heeft 7 resultaten opgeleverd.
Hier getoond: 1 - 7 van 7

Iemand de wacht aanzeggen.

Iemand ernstig waarschuwen dat hij zijn plichten goed moet vervullen.


Hij wacht de bui af.

Hij weet dat hij verwijten zal krijgen en verbergt zich hiervoor.


Wacht-een-beetje is ook een dorp.

Het is niet netjes om voor je beurt te kruipen; iedereen moet op zijn beurt wachten.


Het getij wacht naar niemand.

Als je een kans krijgt moet je deze benutten want als je die kans niet pakt zal hij meestal


Een wacht voor de mond zetten.

Heel voorzichtig zijn met de uitspraken die je doet.


Iets in de wacht slepen.

Iets voordelig (of gratis) mee kunnen nemen.


Het tij wacht op niemand.

Als zich een buitenkans voordoet moet je niet aarzelen maar die meteen benutten.